Sint Nicolaas redt zeelieden in nood

sint nicolaas redt zeelieden in noodSint-Nicolaas van Myra (nu Demre in Zuid-Turkije) is al 1700 jaar een van de meest geliefde heiligen van het christendom. Volgens de overlevering was hij vroom vanaf zijn geboorte (ca. 280). Als zuigeling weigerde hij de moederborst op woensdag en vrijdag, de vroegchristelijke vastendagen. Hij werd bekend om zijn liefdadigheid en om de vele wonderen die hij verrichtte ten gunste van de zwakkeren in de samenleving: kinderen, armen, slaven, gevangenen. Ook na zijn dood bleef hij wonderen verrichten, waardoor zijn populariteit maar bleef groeien, vooral in het Byzantijnse Rijk. Veel van die postume wonderen waren reddingen van schepen in nood. Zijn naam als patroon van zeelieden en van veilige havens verspreidde zich over het hele Middellandse-Zeegebied.

In 1087 werden Nicolaas' stoffelijke resten op vrij brute wijze door zeelui uit Bari (Zuid-Italië) uit zijn graftombe in Myra geroofd. Dit soort reliekendiefstallen kwam wel vaker voor en werd - zeker door de daders - niet als een misdaad gezien. Men redeneerde: als de heilige in kwestie niet verplaatst wilde worden, zou hij/zij toch wel ingrijpen?!

In Noord-Europa werd de cultus van Sint-Nicolaas vlak voor het jaar 1000 verspreid door de Byzantijnse prinses Theophano. Vanuit Nijmegen bestuurde zij, na de dood van haar echtgenoot keizer Otto II, op energieke wijze het uitgestrekte Ottoonse Rijk als regent voor haar zoon. De nog steeds bestaande St.-Nicolaaskapel werd niet lang daarna gebouwd en was al eeuwen oud toen de Maelwaels en de Van Limburgs op het Valkhof verkeerden.

De bekendheid van Sint.-Nicolaas bleef in Nijmegen niet beperkt tot het paleis en het hof. In de stad werd een St.-Nicolaasbroederschap opgericht, die aan de Grotestraat een liefdadigheidsinstelling onderhield: het St.-Nicolaasgasthuis.

Nog belangrijker in het middeleeuwse Nijmegen was het Sinterclaesgilde. Dit was geen gilde in de beperkte zin van het woord, maar een koepelorganisatie waarin alle beroepsorganisaties, ambten en broederschappen waren vertegenwoordigd, evenals de rijkere kooplieden. Het Sinterclaesgilde groeide uit tot een democratisch instituut dat de Nijmeegse burgerij vertegenwoordigde en dat eeuwenlang veel invloed had op het stadsbestuur, bijvoorbeeld bij benoemingen en onderhandelingen. Het gilde koos elk jaar zes of acht zogeheten Claesmeesters, die een vooraanstaande plaats innamen in de stad. Pas in 1591 maakte Prins Maurits met één pennenstreek een einde aan de privileges van het Sinterclaesgilde. Deze breuk met een unieke Nijmeegse traditie betekende niet het einde van de populariteit van de naamgever. Tot op de dag van vandaag is Sint-Nicolaas de bekendste sint in Nijmegen. Dat is geen wonder: hij is de enige heilige die nog regelmatig aan de gelovigen verschijnt.

x

fol 150v 151 retuschiert 200x280fol 155v 156 retuschiert 200x280 fol 160v 161 retuschiert 200x280 fol 16 retuschiert 200x280 fol 87v 88 1 retuschiert 200x280

© 2016 Stichting Gebroeders van Limburg

024 3602414

Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Postbus 1180, 6501 BD Nijmegen